Lauwersoog- Jaarlijks rapporteert de Lauwersmeer Koerier,
aan de hand van het meest recente telverslag van
Staatsbosbeheer, over de vogelstand in de Lauwersmeerpolder.
Het afgelopen jaar waren het de lepelaars die massaal ging
foerageren in het voedselrijke water van de oude binnenzee. Zo
werden er op één dag in augustus maar liefst 489 lepelaars
waargenomen. De soort zit in het Nationaal Park dus in de lift.
Op zoek naar voedsel stekende vogels van hun broedkolonies op de
Waddeneilanden de zee over. Het wachten is dan ook het eerste
broedpaar in het Lauwersmeer.
Maandelijks gaat een groep vrijwilligers het veld in om de
verschillende vogelsoorten te tellen. De resultaten geven een
aardig beeld van wat er in het Lauwersmeer leeft. En dat is
nogal wat. Van maar liefst zeven vogelsoorten zit in een
bepaalde periode van het jaar meer dan 1 procent van de
Nederlandse populatie in het Nationaal Park Lauwersmeer. Deze
1-procentsnorm is internationaal gezien van belang bij het
bepalen van de waarde van een natuurgebied.
Met de 489 getelde exemplaren spant de lepelaar dus de kroon.
Dit aantal is goed voor zestien keer de norm. De brandgans komt
op veertien keer, met een maximum aantal van 26.676. De krakeend
pakt met 2229 zeven keer de norm, de grauwe gans met 11.385
exemplaren vijf keer, de pijlstaart met 1323 twee keer, de
slobeend met 1066 ook twee keer, terwijl de wintertaling met een
aantal van 6514 ook royaal boven de 1-procentsnorm komt.
|