|
Aalscholvers eten veel meer vis uit de binnenwateren
in Nederland dan tot nu werd aangenomen. Alleen al aan
snoekbaars slepen ze even grote hoeveelheden uit het
water als de gehele beroepsvisserij zo blijkt uit
recent onderzoek. Alleen al op en rond het IJsselmeer
verblijven naar schatting circa twaalfduizend
broedparen aalscholvers. Die zijn goed voor een
jaarlijkse visconsumptie van zo'n 2 miljoen kilo vis
uit het IJsselmeer, de Randmeren en Flevoland. Nieuwe
schattingen wijzen uit dat 6 procent daarvan uit
snoekbaars bestaat. Dat betekent dat de aalscholver
jaarlijks 60 tot 120 ton snoekbaars uit het IJsselmeer
en aanpalende wateren vist. Daarnaast bestaat het menu
van de aalscholver voor maximaal 30% uit baars en
circa 2 procent (= 40.000 kilo) uit paling. De rest
van het totale maal van deze zwarte "rover"
bestaat uit andere, commercieel minder interessante,
vissoorten. Minister Gerda Verburg van het ministerie
van Landbouw en Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) wil
met alle betrokken partijen om tafel om te zien welke
maatregelen nodig zijn. De beroepsvissers vragen al
een langere tijd om stevig ingrijpen. De aalscholver
(Lat.: Phalacrocorax carbo) is een grote vogel. Zijn
spanwijdte is maximaal één meter. Hij is bijna
helemaal zwart, maar heeft een opvallende witte wang
en een gele plek op de plaats waar zijn bek begint. De
snavel heeft een haakvormige punt.De aalscholver kan
goed duiken en zwemmen. In tegenstelling tot andere
watervogels heeft het verenkleed van de aalscholver
zeer weinig vet. Daardoor is het niet waterdicht. Na
een duik moet een aalscholver drogen. Dit doen ze door
met half gespreide vleugels op een paal of in een boom
te gaan zitten. Minister Gerda Verburg (LNV) zegt dat
de populatie aalscholvers moeilijk te beheersen is.
Als maatregelen nodig zijn, wil ze die afstemmen op
Europees niveau. Elders in Europa worden al
maatregelen genomen zoals het verkleinen van te grote
populaties en het verstoren van broedplaatsen door het
rapen van eieren. De foto van twee rustende
aalscholvers werd gemaakt bij Zoutkamp aan de oever
van het Reitdiep.
|