|
LAUWERSOOG- Voedselspecialisten onder de wadvogels -de vogels die zich specialiseren in het eten van bepaalde prooitypes- overleven beter en krijgen meer nakomelingen na strenge winters dan vogels met een ruimere prooikeus, de zogenaamde generalisten. Na zachte winters presteren specialisten juist slechter dan generalisten. Nederlandse winters worden steeds warmer. Wadvogels zullen in de toekomst dus moeten omschakelen van voedselspecialist naar generalist om zich aan te passen aan klimaatverandering.
Dat blijkt uit langlopend onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen, SOVON
Vogelonderzoek Nederland en de Australian National University dat gepubliceerd is in het
maartnummer van het wetenschappelijk tijdschrift Evolution.Dieetspecialisatie is een algemeen verschijnsel in de dierenwereld, maar het is vaak onduidelijk waarom specialisten en generalisten elkaar niet wegconcurreren. Ook binnen soorten houden dieren er verschillende strategieën op na. Zo komen er bijvoorbeeld bij de scholekster, de
bekendste wadvogel in Nederland, twee typen specialisten voor: wormen-eters en schelpdieren-eters. Daarnaast zijn er ook generalisten die zowel wormen als schelpdieren eten.
Beste strategie?
Uit eerder onderzoek was al bekend dat schelpdier-specialisten doorgaans het
gemakkelijkst aan hun dagelijkse voedselbehoefte kunnen voldoen en ook in betere
lichaamsconditie zijn. Maar overleven ze daardoor ook beter? Om te begijpen waarom
niet alle scholeksters een schelpdier-specialist worden, hebben de biologen het lange
termijn succes in termen van overleving en voortplanting in relatie tot voedselspecialisme
onderzocht. Het succes van de verschillende strategieën zou namelijk af
kunnen hangen van de voedsel- en klimaatomstandigheden en daarmee tussen de jaren
variëren.
Zachte en strenge winters
Door over een periode van 26 jaar het dieet, de overleving en de jongenproductie van
scholeksters op Schiermonnikoog te bestuderen blijkt nu dat na normale zachte winters
voedselgeneralisten het net wat beter doen dan specialisten. Echter, in zeldzame
'Elfstedentocht'-winters presteren specialisten juist veel beter. Deze wisselende
selectie-drukken kunnen verklaren waarom specialisten en generalisten elkaar niet
wegconcurreren: gemiddeld over alle jaren blijken de verschillende strategieën een
vergelijkbaar succes te hebben.
Aanpassen aan klimaatverandering
Door klimaatverandering worden Nederlandse winters steeds warmer. Dat kan het
evenwicht tussen voedselspecialisten en generalisten verstoren, verwacht bioloog dr.
Martijn van de Pol: 'Omdat specialisten slecht presteren na zachte winters, zullen deze
scholeksters in de toekomst steeds meer onder druk komen te staan om voor een breed
dieet van zowel wormen als schelpdieren te kiezen. Het is echter de vraag hoe snel
scholeksters zich kunnen aanpassen. Het efficiënt zoeken en openen van verschillende
prooitypen is een jarenlang leerproces en dieetkeuze heeft mogelijk zelfs een genetische
component. We verwachten daarom dat aanpassing aan klimaat-verandering een
langzaam proces zal zijn dat zich over meerdere generaties uitstrekt.'
|