Lauwersmeer Koerier
Klik hier voor de nieuwspagina van de Lauwersmeer Koerier
U bevindt zich hier: Aktueel > Archief > Het verband tussen vlinders en konijnen
 
Archief
Het verband tussen vlinders en konijnen
28 augustus 2000
 
Van oorsprong komt het konijn uit het Middellandse Zeegebied. In de late Middeleeuwen hadden kloosterlingen en edellieden de gewoonte elkaar konijnen cadeau te geven. Zo heeft het konijn z'n verspreidingsgebied in Europa sterk uitgebreid. Op deze wijze zijn ze ook in Nederland, het Lauwersmeergebied en op de Waddeneilanden terechtgekomen. Op sommige Waddeneilanden waren er zelfs fokkerijen, de zogenaamde konijnenparken.

Een konijn weegt gemiddeld zo'n 2 kilo. Ze waren daarom een belangrijke bron van voedsel en inkomsten. De pacht van de jachtrechten bracht veel geld op.

Bij het begin van deze eeuw was het aantal konijnen zo sterk toegenomen, dat ze een bedreiging voor met name de duinen en duinbossen waren. In die tijd werden ze daarom ook fel bestreden. Geen enkel middel werd daarbij geschuwd: strikken, uitgraven, het inzetten van fretten en schieten. Maar eigenlijk hielp niets afdoende om het grote aantal konijnen te doen verminderen. Alleen hermelijnen, die ingevoerd waren om een andere plaag, van woelratten, te bestrijden konden de konijnen aan.

In 1952 werd op een omheind landgoed in Frankrijk een uit Zuid-Amerika afkomstig virus, het beruchte myxomatose, toegediend aan wilde konijnen om een konijnenplaag aldaar te bestrijden. Met groot succes. Maar het virus dat werd verspreid door bloedzuigende insecten bleef niet binnen de omheining. In razend tempo breidde de ziekte zich uit. Een jaar later werd Nederland al bereikt en op de Waddeneilanden sloeg de ziekte voor het eert in 1957 toe. De konijnenstand werd gedecimeerd en heeft eigenlijk nooit meer de oorspronkelijke dichtheid bereikt.

Konijnen eten een veelheid aan grassen en kruiden. Als het maar mals en voedselrijk is. Ze grazen de planten kort af, waarna er weer jonge frisse uitlopers ontstaan. Die op hun beurt weer geschikt zijn als voedsel. Zo houden konijnen hun eigen voedselgebied in stand. Ook graven ze plantenwortels op om te eten. In de begroeiing die op deze wijze ontstaat komen veel verschillende plantensoorten voor. Deze planten lokken op hun beurt weer veel insekten, waaronder een aantal bijzondere vlinder soorten. Zo speelt het konijn vaak een sleutelrol in het natuurlijk duinsysteem.

Als een gebied niet meer door konijnen begraasd wordt verandert de vegetatie. De planten groeien hoog op en er ontstaat een dorre, dichte grasmat. Hierdoor verdwijnt de variatie n plantengroei en dierenleven. Konijnen zijn niet in staat eenmaal verruigde begroeiing te veranderen in een geschikt voedselgebied. Hieruit blijkt dat het konijn altijd een veel grotere rol als 'beheerder' heeft gespeeld dan werd gedacht.

Door de 'zure regen' komen er al jarenlang veel meststoffen naar beneden. Hierdoor groeien ruige en harde grassen veel sneller dan het konijn kan bijhouden.

Naast de myxomatose is er onlangs een nieuwe virusziekte onder de konijnen uitgebroken. Ditmaal afkomstig uit het verre oosten. Het zorgt er voor dat konijnen in korte tijd sterven aan inwendige bloedingen. Hierdoor is het afgelopen jaar ook de konijnenstand in het Lauwersmeergebied flink gedaald. Van een konijnenplaag is eigenlijk al lang geen sprake meer, integendeel het konijn is nu eerder een bedreigde diersoort geworden.
 
Logo Copyright SEAL Productions, Zoutkamp.
E-mail: Seal Productions
Planten lokken vlinders.
Planten lokken vlinders.